Game over … let’s play a new one!

Donkere wolken pakken zich samen boven Nederland. Althans, volgens het Sociaal Cultureel Planbureau: we zijn na Luxemburg het rijkste land van Europa, maar als het kabinet zijn bezuinigingen doorvoert, krijgt iedereen het slechter.

Over de eigen financiële situatie maakt nauwelijks iemand zich zorgen. Maar ruim 60 procent van de Nederlanders is somber gestemd over waar het met de toekomst van Nederland naartoe gaat. Deze stemming is bijzonder stabiel; de Nederlander mag graag klagen en is misschien zelfs enigszins ‘realiteitsresistent’: het doet er niet toe hoe het echt gaat, het gaat gewoon nooit goed. (Bron: De Pers).

Het kan aan mij liggen, maar ik snap hier niks van. We hebben het héél erg goed, en zo’n beetje het ergste wat er kan gebeuren is dat het goed gaat. Een beetje minder economische groei is ook nog beter voor onze planeet. Waar hebben we het dan eigenlijk nog over?

Grenzen aan groei 
De grondslag van alle veranderingen die nu om ons heen gebeuren is het failliet van ons financieel-economisch systeem. We wisten allemaal dat dat uiteindelijk zou gebeuren; alles wat de mens maakt, dondert uiteindelijk in elkaar. Natuurwetten niet. De zwaartekracht bestond al ten tijde van de oerknal en zal nog steeds bestaan als onze planeet weer implodeert. Maar ons economische systeem heeft niks met natuurwetten te maken. Het is gecreëerd door slimme mensen, uit op gewin, en vervolgens almaar complexer gemaakt. Ik persoonlijk snap er geen jota meer van. Wat ik wel weet, is dat dit systeem is  gebaseerd op groei. Leningen en schulden houden ons monopoliespel in beweging. Daar betaal je rente over en dat kan alleen maar als er sprake is van groei. Maar iedereen weet dat er grenzen zijn aan groei.

Het failliet van een systeem 
Het vanzelfsprekende uitgangspunt van groei leidt tot absurde situaties. In een welvarende omgeving heeft een volwassen man zo’n 2.500 calorieën per dag nodig; een vrouw pakweg 2.000. Maar wereldwijd produceren we voor elke aardbewoner 3.000 calorieën per dag. Kan iemand dat even in de Hoorn van Afrika gaan uitleggen? Waar het ene kind dood gaat van de honger, overlijdt het andere aan de gevolgen van obesitas. Onze zeeën zijn op een spierinkje na leeggevist. We vergiftigen de aarde, verstikken de lucht, plastificeren de oceanen. We hebben twee auto’s, gaan drie keer per jaar op vakantie, willen meer D&G’s, meer Vuittons, meer sterren-dinertjes… En zo hoort het ook, vertelt ons het systeem. Geld moet rollen om te kunnen groeien.

Toegevoegde waardeloosheid 
Maar ja, nu zit toch echt serieus de klad in die groei. En dat maakt ons angstig, boos, gestrest, ziek … Wie veel heeft, heeft veel te verliezen en dus gaan we de straat op en roepen we dat het afgelopen moet zijn en dat ze hun verantwoordelijkheid moeten nemen. Maar dan denk ik wie? Zou het niet zo kunnen zijn dat we het punt waarop iemand de boel nog kan lijmen, definitief voorbij zijn? Dat politici, economen en bankiers die proberen te redden wat er te redden valt, de boel alleen maar verder opblazen en het ene gat met het andere dichten? Wordt het niet hoog tijd om de echte problemen onder ogen te zien? Nederland – als altijd het beste jongetje van de klas – doet het met een begrotingstekort van pakweg 2% uitstekend. Al tientallen jaren. Met een tekort dat zich jaar na jaar opstapelt zou ikmijn toko na verloop van tijd moeten sluiten, maar van het geld van ze liggen we niet wakker. Evenmin van de miljarden die nu naar Griekenland gaan. Het is nodig – en het is ook nodig binnen ons systeem – en bovendien gaat het hier niet om echt, maar virtueel geld.

Less is more 
In de laatste drie decennia, waarin de wereldbevolking verdubbelde, is het BNP van alle economieën zes keer zo groot geworden. Zoveel meer zijn we gaan consumeren. Allicht houdt dat een keer op. We zullen het met minder moeten gaan doen, materialistisch gezien. So what? Moeten we daar bang voor zijn? De kloof tussen arm en rijk is vanuit mondiaal perspectief onvoorstelbaar en hele volksstammen hebben alleen maar te winnen bij ons minderen. Moeten we het juist niet toejuichen dat de balans een beetje wordt hersteld?

Ik ben ervan overtuigd dat de tijd van groei als vanzelfsprekend principe definitief voorbij is. Game over. Tijd voor een nieuw spel. Een spel met de titel less is more. Prima. Wat minder is niet slechter, maar met het oog op de toekomst juist beter. Laten we dat vooral goed voor ogen houden, in plaats van in paniek te raken, bang en boos te worden. Want wat kost het ons nu daadwerkelijk? Stel je voor dat we zo meteen twintig, dertig procent minder te besteden hebben. Was je ongelukkig in 1995? Had je het slecht in 1985? Is het überhaupt wel zo leuk om de klok rond te werken met alle stress en hartinfarcten van dien, voor een nog dikkere auto, nog meer geld op de bank, nog een facelift? En denk eens aan dit: als we niet langer hoeven te focussen op groei, kunnen we onze tijd en creativiteit gaan richten op zaken als duurzaamheid, eerlijkheid, zorgzaamheid, respect. Dan kunnen we eindelijk eens werk maken van de enige opdracht die we in dit leven hebben: ervoor zorgen dat onze kinderen en kleinkinderen straks van een minstens zo mooie aarde kunnen genieten.

Let’s play a new game. Een spel waarbij het niet meer gaat om groeien maar om delen. Daar worden we uiteindelijk alleen maar beter van.


About this entry